Door: Anna Karolina Caban
'Sebastiaan…'
Isabella is geraakt en het ziet er deze keer totaal niet goed uit.
'Hou vol. Blijf bij me.'
Ik wil niet dat ze gaat zonder enige sprankje hoop.
'Ik ben bij je. Ik blijf bij je. Je bent niet alleen.'
Ik haal de strengen haar uit haar gezicht.
Dat er buiten iemand is die het op mij gemunt heeft doet er even niet toe. Dit moment is voor haar.
'Ik…'
'Spaar je krachten. Isa, blijf...'
'Ik hou van je Seba…'
De laatste reserve uit haar longen verdampt in de woorden die zij uitspreekt. Hoe naïef was ik om te denken dat ik alles de rug toe kon keren. Wanneer je doet alsof dingen niet bestaan betekent nog niet dat ze daadwerkelijk weg zijn.
'FUCK!!!' schreeuw ik op het precieze moment dat ik haar lichaam levenloos in mijn armen voel.
Ik draag haar hijgend en mijn tranen wegslikkend naar de bank. Ik trek het wapen dat zij bij zich draagt en doe alle lichten in het huis uit.
Ik ken de types als Nadia. Zij stopt niet voordat zij mij uitgeschakeld heeft. Maar ik weet ook dat iedereen een zwakke plek heeft, en dat van haar is Anna. Ik heb echt wel gezien hoe zij naar haar keek. Mijn lichaam kan niet meer, maar het universum heeft besloten dat ik door moet. Iedereen krijgt de portie van het leven die hij of zij aankan en blijkbaar draag ik de last van een elftal.
Kalmte valt over mij heen. In plaats van dat ik als een bezetene naar buiten ren ga ik rustig op de stoel zitten naast de bank waar Isabella op ligt. Ik zet mij schrap. Het is doodstil.
Je kan een speld horen vallen, als ook haar komen naderen.
Glas klettert bij de achterdeur. Zij is hier. Ik ben er klaar voor.
Ik sluit mijn ogen en adem diep in en uit. Het voelt alsof ik loskom van de realiteit en alles wat er gebeurt van boven aanschouw. Het is mij volkomen duidelijk wat mij te doen staat.
'Blijf zitten,' hoor ik haar zeggen.
Ik verroer mij met geen millimeter en blijf met mijn gesloten ogen luisteren.
Ze komt steeds dichterbij.
'Is zij dood?' vraagt ze.
Ik knik en een traan loopt over mijn gelaat. Ik ben dit allemaal zo zat. Ergens onder alle lagen van het kwaad en de gevoelloze daden van deze huurling moet nog wat menselijkheid zitten.
'Alejandro heeft Anna,' zeg ik nu kalm en open mijn ogen.
'Dat was ook precies de bedoeling. Zij is mij beloofd. Waarom denk je dat ik hier sta, dommerik?' antwoordt ze sarcastisch.
'Ze gaan trouwen.'
'Hou je bek. Anna houdt niet van dat beest. Zij doet alles wat ze moet doen om te overleven. Net als ik. Niemand kent haar zoals ik dat doe. Anna houdt van mij. Zielig hoopje mens dat jij bent. Denk je nou echt dat Anna ooit van jou of van die crimineel gehouden heeft? Jullie weten niet eens wat liefde is. Altijd maar bezig met je grote lul en ego.'
Dit gaat duidelijk dieper dan ik dacht. De vrouw is een vendetta op mannen aan het uitvoeren hier. De trilling in haar stem verraad haar minimale twijfel.
'Je hebt gelijk. Anna doet alles om te overleven. Ik heb haar gesproken. Jouw naam is gevallen,' ik gooi het hengeltje uit en zie een glinstering in haar ogen.
Anna heeft ons allemaal betoverd. Zelfs deze moordmachine is niet immuun voor het pure hart van mijn geliefde. Op een rare manier ben ik er trots op.
'Toen ik onder dreiging Mexico verliet heeft ze mij op het hart gedrukt om jou te vertellen waar zij zit.'
Haar hand begint te trillen.
'Denk je dat ze in gevaar is?'
'Wat denk je zelf?'
'Fuck.'
Ze is heel eventjes uit haar concentratie en in een snelle beweging sta ik voor haar en heb haar klem.
'Laat los,' gebied ik haar.
Het beest dat in haar huist ontwaakt weer en haar verwilderde blik spuugt haat.
'Ik ga je niks aandoen. Het enige wat ik wil is dat je luistert. Ik denk dat wij allebei hetzelfde willen. En zeg nu zelf, Alejandro zal het nooit zien aankomen. Vooral niet wanneer jij hem nu laat weten dat je je missie hebt volbracht. Bel hem. Zeg dat het gebeurd is. Geef door dat je ons allebei hebt uitgeschakeld.'
Wordt vervolgd.
:quality(95))
:quality(95))
:quality(95))
:quality(95))