Door: Lisa Loeb
Ik ben verslaafd. Niet aan drank, drugs of Candy Crush, maar aan kerst.
Ik kan het niet helpen. De lichtjes, de liedjes, de chique glitteroutfits afgewisseld met foute kersttruien: ik vind het magisch. Waar mijn man groot fan van Sinterklaas en pepernoten is, droom ik al vanaf half september van een hysterisch versierde kerstboom die ik eigenlijk direct op zou willen zetten. Zodra de Sint ook maar één voet op zijn stoomboot terug naar Spanje zet, trek ik de kerstdecoraties uit de kast alsof het een olympische sport is.
Mijn kerstboom hangt zo vol met Disney-kerstballen en slingers dat je amper nog kunt zien dat er dennennaalden aan zitten, en er branden zoveel lichtjes in dat ik ervan overtuigd ben dat je hem vanuit de ruimte kunt zien. In december word ik de meest schaamteloze versie van mezelf.
Ik kijk zoveel clichématige kerstfilms dat mijn Netflixalgoritme zich voor míj schaamt, ik zing de hele dag foute kerstliedjes achter de piano (is die zangopleiding aan het conservatorium toch nog ergens goed voor) en luister wekenlang alleen maar naar Wham! en Mariah Carey. Die kitscherige feestvreugde vind ik heerlijk. De lichtjes in de stad, de nepsneeuw, de versieringen, de totaal onrealistische supermarktreclames en kerstkransjes eten tot je er misselijk van wordt.
Dit jaar is kerst extra bijzonder, want mijn zoontje maakt het voor het eerst bewust mee. Vorig jaar was hij tien maanden en was hij meer onder de indruk van het inpakpapier dan van de cadeautjes. Nu hoop ik dat hij net zo gefascineerd raakt door de kerstballen van Mickey en Minnie, mooie liedjes en glinsterende slingers als ik – al vrees ik dat hij vooral oog heeft voor alles wat breekbaar is en binnen handbereik hangt.
Mijn kerstobsessie heeft wel een duistere kant: zodra de klok op 31 december twaalf uur slaat en het nieuwe jaar wordt ingeluid, kan ik niks meer verdragen dat ook maar íéts met kerst te maken heeft. Dan vind ik het in een klap deprimerend en achterhaald en verlang ik naar de zomer. Wat op 31 december nog ‘gezellig’ en ‘sfeervol’ was, voelt op 1 januari ineens pijnlijk, gênant en tragisch.
Ik wil die boom afbreken, de kerstballen verstoppen, en doen alsof ik er nooit iets mee te maken heb gehad. Misschien is dat het teken van een echte verslaving: elk jaar opnieuw overdrijven en daarna spijt hebben, maar toch weer terugvallen in dezelfde gewoontes. Hoe dan ook, volgend jaar doe ik het gewoon weer. Want kerst is te leuk om niet compleet hysterisch te vieren. Zelfs als dat betekent dat ik op 1 januari wakker word met een kater van mijn eigen kerstobsessie.
Shop &C's nieuwste editie hier
:quality(95))
:quality(95))
:quality(95))
:quality(95))
:quality(95))