Door: Lisa Loeb
Het is weer zover. Bijna 1 januari. Mijn lijstje met goede voornemens ligt klaar. Dit jaar ga ik écht Oorlog en vrede lezen. Mijn schermtijd gaat naar max een uur per dag. En ik ga stoppen met het lezen van reacties op Twitter (ik weiger het X te noemen).
Hiermee begint niet alleen mijn jaarlijkse strijd met mezelf, maar ook die tussen de optimisten (ik) en de realisten (iedereen die me kent). De zelfbenoemde realisten doen nergens aan mee, want 'dat hou je toch niet vol.' En natuurlijk, over een maand informeren ze bij de koffiemachine grijnzend of Tolstoj al uit is en hoe het met mijn zen-gehalte staat. (Spoiler: Oorlog en vrede ligt onder een stapel rekeningen en ik heb net drie seizoenen Selling Sunset gebinged.)
Ze krijgen gelijk, en dat horen zij maar al te graag. Maar terwijl deze realisten zich gedachteloos en zonder schuldgevoel door de dagelijkse zak Doritos heen snaaien, zien ze iets wezenlijks over het hoofd: de poging. Wie Oorlog en vrede op de plank laat, zal nooit verder komen dan de kaft. Vraag dat maar aan het Jamaicaanse bobsleeteam, dat tegen alle logica in meedeed aan de Olympische Spelen. Of denk aan die ene keer dat je in de karaokebar je schaamte losliet en I Will Always Love You eruit knalde. Dat zal je altijd blijven herinneren, in tegenstelling tot al die avonden in dezelfde kroeg met dezelfde gespreksonderwerpen.
Lees ook: Lisa Loeb: 'Als de Russen komen, heb ik niks. Behalve een gezellig huis'
Het Jamaicaanse bobsleeteam won geen goud en jouw Whitney-imitatie zal weinig stoelen laten omdraaien bij The Voice, maar daar gaat het ook niet om. Perfectie is de vijand van goed. Misschien haal ik Tolstoj dit jaar weer niet, maar heb ik dan wel vijf avonden mijn telefoon niet mee naar de slaapkamer genomen. Vijf avonden winst. Dat is wat de realisten niet begrijpen. Waar zij een gebrek aan ambitie als een recept voor geluk zien, is het eigenlijk een recept voor een flets, betekenisloos bestaan.
Geluk staat of valt met optimisme, ook als dat met vallen en opstaan gaat. En dan vergeten ze nog iets essentieels: de voorpret. Dat associeer je misschien eerder met een vakantie dan met Dry January. Toch kijk ik al in december uit naar 1 januari. De dag dat de kerstboom eindelijk de deur uit kan, de resterende oliebollen de prullenbak in gaan en de schone lei tevoorschijn komt. Natuurlijk weet ik dan al dat ik die voornemens niet volhou. Ik wéét dat ik op 15 januari weer zuur naar Twitter zit te turen. Maar dat is juist de charme ervan. Misschien heb ik daarom elk jaar precies dezelfde voornemens. Niet omdat ze ooit gelukt zijn, maar omdat ik er elk jaar opnieuw intens van geniet om ze grandioos te láten mislukken.
:quality(95))
:quality(95))
:quality(95))
:quality(95))
:quality(95))